Sense of urgency
Het Outbound Release Platform (ORP) wordt nu 2 jaar voorbereid; de eerste workshop had plaats op 12 september 2024.
Ondertussen werd veel vooruitgang geboekt. In verschillende workshops werd informatie gedeeld en naar oplossingen gezocht. En daar blijft het niet bij. In vier bijkomende workshops worden de processen in detail voorgesteld en wordt in overleg met de deelnemende bedrijven gezocht naar de meest optimale oplossing.
De douane gaf ondertussen al antwoord op de meeste van onze vragen. Voor enkele verwachten we antwoorden op korte termijn. Die antwoorden brengen duidelijkheid, maar tonen ook aan dat praktische en efficiënte toepassing van het nieuwe uitgangsproces behoorlijk complex is.
NxtPort en Port of Antwerp-Bruges zijn ondertussen actief bij het project betrokken en hebben in samenwerking met The Way Forward eerste analyses uitgevoerd.
Zo komen we tot business requirements voor het ORP-Project, een eraan gekoppeld budget voor ontwikkeling en onderhoud, en een planning voor analyse, bouw, testen en implementatie.
Tijd om te beslissen
Het dossier is daarmee klaar voor beslissing en dat is ook nodig. De douane zet druk op de sector om het nieuwe AES-uitgangsproces zo snel als mogelijk toe te passen. Daar zijn twee redenen voor:
- Vanuit Europa (TAXUD) wordt druk gezet op de lidstaten om de uitrol van de overblijvende MASP-systemen eindelijk af te ronden. AES-uitgang is voor België het grootste van die overblijvende projecten.
- Het oude douanesysteem PLDA, waarin het digitale uitgangsproces vandaag in beperkte mate wordt gevoerd moet voor einde 2027 uit dienst omdat het onderliggende technische platform niet langer wordt ondersteund. Die deadline halen wordt zeer uitdagend. Verder uitstel van het project zou dit helemaal onmogelijk maken. België dreigt zonder uitgangsproces te vallen als er nu niet snel wordt gehandeld.
Een Outbound Release Platform als oplossing
Er is een wettelijke verplichting om het nieuwe AES-uitgangsproces toe te passen. Niets doen is daarom geen optie voor de havenbedrijven.
Het nieuwe uitgangsproces in AES vervangt niet alleen het huidige uitgangsproces in PLDA, maar breidt het ook uit naar alle goederentypes, ook breakbulk en bulk, ongeacht hun douanestatus (bv. ook transshipment en Uniegoederen).
Daarenboven loopt het huidige proces bij uitgang, zelfs al is het veel beperkter in scope dan het toekomstige, lang niet altijd vlot. Voor tal van zendingen wordt de uitgang niet of niet tijdig bevestigd, wat de uitvoerders problemen oplevert met de btw-vrijstelling. Er is dus ook een commercieel aspect verbonden aan dit proces, individueel en collectief als Belgische havens.
Zelfs als de uitgang bevestigd geraakt, vraagt het voor de havenbedrijven vaak veel manueel werk om het proces vlot te trekken. Het voorkomen van verscheping zonder uitvoerdocumenten, een overtreding die beboet kan worden, is vandaag ook moeilijk.
De collectieve ontwikkeling van een platform en applicatie waarop de betrokken bedrijven data delen en samenwerken binnen een gestandardiseerd proces kan deze problemen aanpakken. Ook de huidige e-balie zou daarin worden geïntegreerd. Het uitgangsproces kan zo veel kwalitatiever en grotendeels geautomatiseerd worden en beveiligd worden met een “licht” dat verscheping zonder documenten voorkomt.
Bovendien zou een dergelijk platform de basis kunnen vormen voor verdere digitalisering van delen van het uitgangsgebeuren die vandaag niet altijd efficiënt en vlot verlopen: afvaltransport (er komen nieuwe wettelijke verplichtingen aan!), gevaarlijke stoffen, dual-use goederen, VGM, enz. Zonder collectief platform dat omwille van de douaneverplichting data over alle zendingen bevat, wordt de ontwikkeling van digitale oplossingen voor deze processen veel uitdagender en kostelijk. Het ORP en IRP, ontwikkeld naar aanleiding van douaneverplichting, kunnen zo de basis vormen voor een collectieve digitale infrastructuur in de havens die verder kan worden uitgebouwd in de toekomst.
Het gebruik van het Outbound Release Platform wordt in geen geval verplicht. Er wordt wel naar gestreefd om het voor de overgrote meerderheid van bedrijven de verstandige keuze te maken. Het alternatief, gebaseerd op individuele oplossingen en één-op-één communicatie tussen bedrijven is weinig aantrekkelijk en zeker niet kosteloos. Een slecht werkend, semi-manueel proces is dat evenmin. De kost is uiteraard belangrijk, ook voor het ORP. Tegen eind augustus komt NxtPort met een eerste kostenraming op basis van de voorlopige business requirements die The Way Forward heeft opgesteld. In een volgende fase kan een en ander worden verfijnd tot een uitgewerkt tariefmodel.
“Elk bedrijf kiest individueel of het van het ORP gebruik zal maken, maar de sector staat eerst voor een collectieve keuze: zijn voldoende bedrijven bereid om hun schouders te zetten onder een collectieve oplossing voor deze uitdaging? Alleen als die vraag positief beantwoord wordt, zal er een Outbound Release Platform komen waarop bedrijven kunnen intekenen.”
Milestones en beslissingsmomenten
Dat collectieve beslissingsproces verloopt in deze 7 stappen:
1. Voor 31 augustus: eerste budgetinschatting door NxtPort
2. Begin september: eerste standpuntbepaling beroepsverenigingen
3. 8 september: Strategisch Comité met toelichting bij het budget door NxtPort
4. Medio september: standpuntbepaling beroepsverenigingen
5. 28 september: Strategisch Comité beslist over TWF-standpunt
6. Begin oktober: aantonen marktvraag: LoI door (grote) havenbedrijven
7. 15 oktober: Bestuursorgaan NxtPort – beslissing over de opstart van het ORP-project
Gerelateerd nieuws
- The Way Forward